51eeditie
51ste Internationaal Vocalisten Concours - Opera | Oratorium
9 t/m 16 september 2017

51ste Concours

Hannah Bradbury. Finale 49ste IVC 2012

Opdrachtcompositie

Componist: Monique Krüs *1959
Titel: Lunam, ne quidem Lunam
Duur: ca. 4'30 minuten
In twee instrumentaties: piano & zang  |  orkest & zang
In 3 toonaarden, voor 6 stemtypen

Op een tekst van Pé Hawinkels (1942-1977)
Gedichten "Bosch en Bruegel"
De tuin der lusten
Uitgever: De Stiel - Nijmegen

In het Latijn vertaald door Dr. Harm-Jan van Dam

In opdracht van het Internationaal Vocalisten Concours 's Hertogenbosch als verplicht werk voor het 51ste Concours 2016/2017.
Gepubliceerd door Stichting ’s-Hertogenbosch Muziekstad. 

Uitgegeven door Deuss Music in Den Haag.
Bladmuziek via deze link te verkrijgen.  

Sinds 2002 wordt er een verplicht werk  ingestudeerd, dat in opdracht voor het concours wordt geschreven. De volgende Nederlandse componisten  componeerden liederen: Micha Hamel (2002), Rob Zuidam (2004), Robin de Raaff (2006), Roel van Oosten (2008), Wilbert Bulsink (2010), Jeppe Moulijn (2012) en in 2014 ging de opdracht naar Willem Jeths. In 2016 is de opdrachtcompositie geschreven door sopraan en componist Monique Krüs.

IVC Jheronimus Bosch Cyclus
Het IVC voltooit in 2016 een Jheronimus Bosch Cyclus van vier opdracht-composities door Nederlandse componisten. In 2016 wordt herdacht dat de grote meester Jheronimus Bosch 500 jaar geleden is gestorven. De composities zijn alle gebaseerd zijn op teksten over de Bosch schilderijen. 

Na de opdrachtcompositie in 2010, ‘Het Narrenschip’ van componist Wilbert Bulsink, gebaseerd op een tekst van Sebastian Brandt, werd in 2012 het stokje overgenomen door Jeppe Moulijn. Moulijn liet zich in ‘Et Fit Lux’ inspireren door een tekst uit de Bosch Poëzie van Pé Hawinkels. Daarbij werd een fragment gekozen dat betrekking heeft op het schilderij de Tuin der Lusten van Jheronimus Bosch. De Nederlandse tekst is vertaald in het Latijn door Dr. Harm-Jan van Dam. In 2014 componeerde Willem Jeths het verplichte werk, wederom op een tekst van Pé Hawinkels over de Tuin der Lusten, in een Latijnse vertaling, wederom van Dr. Harm-Jan van Dam. Voor 2016 neemt Monique Krüs de compositie voor haar rekening, eveneens over een fragment van de Tuin der Lusten.

Diorapthe Compositie Prijs € 1,750 per categorie
De Diorapthe Compositie Prijs wordt toegekend aan de zanger en het Lied duo die de opdrachtcompositie van Monique Krüs volgens de beide jury’s het beste vertolkt. De opdrachtcompositie wordt in de Halve Finale van beide categorieën door alle kandidaten verplicht uitgevoerd. Per categorie worden twee kandidaten genomineerd die de compositie zingen in hun respectievelijke Finales. Genomineerde kandidaten in de categorie Lied Duo zingen het werk met pianobegeleiding tijdens de Finale op 16 september 2016. Genomineerde kandidaten in de categorie Opera | Oratorium zingen het werk met symfonieorkest tijdens de Finale in 2017.


Monique Krüs
Monique KrüsDe Nederlandse componist, sopraan en dirigent Monique Krüs verbindt en motiveert graag. Haar kleurrijke composities omvatten muziektheater, kamermuziek, liederen, songs, werken voor koor, sounddesign, muziek voor media. 

Een groot deel van haar werk bevat educatieve elementen.

OPLEIDING
Monique Krüs studeerde 3 jaar psychologie aan de universiteit van Utrecht, in het eerste jaar gecombineerd met de voorbereidende klas voor klassiek gitaar aan het Utrechts Conservatorium. Tegelijkertijd had zij haar eigen jazztrio en schreef en produceerde ze de titelsong voor de eerste speelfilm van Oscar-winnaar Mike van Diem. Hierna deed ze toelating voor klassieke zang aan het Utrechts conservatorium, waar Ton Hartsuiker haar
het enthousiasme voor hedendaagse muziek bijbracht. Haar studie sloot ze af met een jaar operaklas aan het Mozarteum in Salzburg.
Krüs was drie jaar verbonden aan het operahuis van Essen. Sinds die tijd zingt zij als gast op nationale en internationale podia. Ze werkte met dirigenten als Reinbert de Leeuw, Markus Stenz, Edo de Waart en Michael Schönwandt, o.a. bij de Nationale Opera in 'Hier' van Guus Janssen en tijdens de Zaterdagmatinee in het Concertgebouw als keizerin CiXi, de hoofdrol in de opera ‘Hôtel de Pékin’ van componist Willem Jeths.

ORGANISATOR
Monique Krüs is mede-oprichter van Opera Spanga en was 10 jaar lang artistiek leider van het Oudegracht Opera Concert in Utrecht. Zij neemt regelmatig deel aan examencommissies
van het Conservatorium van Amsterdam. Bij veel muziektheater projecten waar zij bij betrokken is, is ze medeverantwoordelijk voor het artistieke team.

MUZIEK VOOR TV
Sinds 1995 componeert en produceert zij muziek voor uiteenlopende gezelschappen, daarbij gebruik makend van haar grote ervaring als zangeres. In eerste instantie vooral voor televisie, waaronder van 2000 tot 2009 de station identity van jeugdzender Zappelin.
Voor de AVROTROS maakt zij regelmatig leadermuziek, o.a. voor Kunstuur en ArtMen.
In haar werk voor de media gebruikt zij vaak een klassiek idioom.

MUZIEKTHEATER, SYMFONISCH WERK
Voor het Palmhaus Festival in Dresden maakte zij een monodrama 'Die Rote Kaiserin' (2004) voor zang, percussie en tape. Haar eerste grote opera was 'God's Videotheque' (2007), een opdracht van Opera Spanga, waarin zij zelf de sopraanpartij zong.
Voor het Impuls Festival für neue Musik in Magdeburg componeerde ze 'Eine Odyssee', muziektheater voor en door jongeren op een libretto van Ad de Bont.
Op tekst van dezelfde auteur ging op 7 april 2015 haar jeugdopera 'Anne en Zef' in premiere bij het Nederlands Philharmonisch Orkest in Amsterdam. De reprise was onlangs in mei 2016 en in 2017 staan voorstellingen gepland in o.a Amsterdam, Londen en Hongarije.
Op uitnodiging van Orkest Zuid maakte ze de cantate 'Grief of Gravity' (2010) voor symfonisch blaasorkest, sopraan en gemengd koor.
Voor het Gergiev Festival/Rotterdams Philharmonisch Orkest schreef ze de familievoorstelling 'Soeraki' (2011) op een libretto van Sjoerd Kuyper. Na 4 seizoenen
ging 'Apenootje', het vervolg hierop, in februari 2016 in premiere in Rotterdam.

DIRIGENT
Op verzoek van het Peter de Grote Festival voor kamermuziek in Groningen componeerde Monique Krüs de opera 'The Tsar, his wife, her lover and his head' (2013) over Peter de Grote, waarbij ze voor het eerst haar eigen werk dirigeerde, o.a. tijdens het Grachtenfestival in Amsterdam.

LIEDEREN
Haar oeuvre omvat ook kamermuziek en liederen. Als een van de eerste componisten schreef ze een lied voor Compose4you, een initiatief van Donemus waarbij particulieren composities bestellen.

www.moniquekrus.nl


Dr. Harm-Jan van Dam
 was tot 2011 als universitair hoofddocent Latijn verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Zijn onderzoek richt zich vooral op Latijnse poëzie, antieke en Neolatijnse, dat wil zeggen uit de zestiende en zeventiende eeuw. Daarnaast is hij actief op het terrein van vertalen: hij is lid van de redactie van het tijdschrift Filter over vertalen, en vertaalt uit het Latijn, poëzie maar ook een aantal werken van Erasmus, zoals zijn Lof der Zotheid. In het Latijn vertaalde hij een aantal verhaaltjes uit Annie M.G. Schmidt’s Jip en Janneke (Jippus et Jannica). Hij won poëzievertaalwedstrijden georga-niseerd door NRC, Volkskrant en Prins Bernhardfonds (uit het Engels, Italiaans en Latijn).


Toelichting op het schilderij

Dr. Harm-Jan van Dam

Dichter, Gedichten
Bosch en Bruegel was de eerste dichtbundel van de schrijver, dichter en vertaler Pé (Petrus Hermandus Hubertus) Hawinkels, 1942 – 1977.  Het boek verscheen bij Ambo (Utrecht) in 1968 en bestaat uit zeven gedichten op schilderijen van Jeroen Bosch gevolgd door dertien gedichten op schilderijen van Bruegel (de Oudere). Van de zeven Bosch-gedichten is Tuin der lusten het laatste. Er zijn veel meer schilderijen van Bosch bekend dan deze zeven. Waarom Hawinkels deze keuze maakte en waarom hij ze in deze volgorde zette is (mij) niet bekend.

In de poëzie van Hawinkels speelt het woord de hoofdrol: ze wordt gekenmerkt door verbale overdaad, woordspel en toespelingen. Je ziet er elementen in terug van de vernieuwende Nederlandse dichtersbeweging de Vijftigers, zoals het associatieve beeldgebruik, maar vooral herken je de jaren zestig van de twintigste eeuw, waarin de poëzie, met de maatschappij, uit zijn voegen mag barsten en de perken te buiten gaan, maar tegelijkertijd hoogdravende zinnen kunnen worden doorgeprikt met spreektaal en alledaagsheid. Hawinkels zelf zei eens dat het zwaartepunt van zijn poëzie ‘wisselde, het hangt van het moment af’. We moeten in zijn gedichten inderdaad geen systematische visie of overkoepelend idee over de wereld willen vinden. De bezorgers van zijn Verzamelde Gedichten formuleerden het in 1988 zo: ‘Het lijdt geen twijfel dat Pé Hawinkels niet bij de grote denkers van deze eeuw geschaard behoeft te worden … (zijn verzen zijn) ongelooflijke zeepbellen, van een rijkdom aan kleurschakeringen en van een grootsheid zoals ze nooit tevoren bijeen werden geblazen’. Daar zit wel iets in, al is ‘zeepbellen’ in elk geval voor deze gedichten te negatief uitgedrukt. Wat Hawinkels zelf ermee wilde bereiken drukte hij zo uit: ‘Ik kan met de poëzie opnieuw complex werkzaam maken wat een ander al gedaan heeft met muziek of met schilderijen’, met als voorbeeld de Bosch- en Bruegelgedichten. Wie de gedichten op Bosch leest, zal ze beter begrijpen als hij er de schilderijen bijneemt. Dan zal hij ook zien dat ze geen complete beschrijving willen geven, maar er een aantal opvallende elementen uithalen en daarop voortborduren en woordspelen. De lezer wordt niet alleen overrompeld door de soms raadselachtige woordenvloed, maar gaat ook weer anders kijken naar de onuitputtelijke beelden van Jeroen Bosch.

Tuin der Lusten

Garden Of Earthly Delights

Dit grote drieluik, misschien vervaardigd omstreeks 1481, hangt in het Prado in Madrid. De achterkant van de zijluiken is geschilderd in grijstinten (grisaille); in gesloten toestand vertoont ze de derde dag van de schepping van de wereld. Wanneer het drieluik geopend is, is links het paradijs te zien als fantastisch landschap bevolkt door allerlei dieren en planten, met Adam en Eva aan weerszijden van God. Op het rechterpaneel is daarentegen de Hel afgebeeld met verdoemden, demonen en allerlei onwerkelijke attributen. De betekenis van het grote centrale deel is omstreden: Het toont een even fantastisch landschap als op het linkerpaneel, maar nu bevolkt door talloze, meest naakte, mensen, onmogelijke planten, fabeldieren, mythologische figuren in allerlei poses en handelingen afgebeeld. Het geheel heeft een onmiskenbaar erotische lading en moet waarschijnlijk negatief geduid worden.

Tekst opdrachtcompositie:

Nee, roep deze nacht, met deze maan
Die min of meer pikant hier zo’n beetje de navel
Uithangt, de kraamkliniek verzorgt en geen
Maan is ook, nu maar niet op, ook niet
Als je de vlammen uit de buik slaan
Van weetgierigheid.

Iam noctem hanc mitte, iam lunam
hic salsius umbilici quasi partes
Agentem, tococomium curantem, ne quidem
Lunam, mitte evocare, etiamsi
Ignes tibi ventre erumpunt
Curiositate.

Verantwoording Nederlandse tekst
De cyclus ‘Hieronymus Bosch’ verscheen in 1967 als themanummer van het tijdschrift Raam, vervolgens in 1968 samen met de Bruegel-gedichten in boekvorm, en tenslotte in de Verzamelde Gedichten in 1988. In de eerste twee publicaties zijn de versregels van ‘Hieronymus Bosch’ doorlopend genummerd; in de Verzamelde Gedichten is daarvan afgezien. Ook in ons fragment zijn geen regelnummers aangegeven. Er zijn geen tekstvarianten in de drie gepubliceerde versies. De tekst hier, inclusief het gebruik van cursief en aanhalingstekens, is overgenomen uit de tekst van de Verzamelde Gedichten.

De Latijnse vertaling
Vertalen bestaat niet uit het omzetten van woorden, maar is eerder een poging om het effect dat een tekst wil hebben in een ander taalsysteem om te zetten. Klassieke Latijnse poëzie wordt gekenmerkt door metrum, dat is een regelmatige opeenvolging van lange en korte lettergrepen. De moderne, onregelmatige gedichten van Hawinkels lenen zich echter in mijn ogen niet goed voor een dergelijk keurslijf. Ik heb gekozen voor een vertaling in ‘vrije verzen’, zoals dat in Neolatijnse literatuur –dat is Latijn van na de Middeleeuwen–, wel eens vaker gebeurt, zowel in oorspronkelijk werk als in vertalingen. Om toch een poëtisch effect te bereiken heb ik geprobeerd klankeffecten en verbale echo’s van het origineel ook in de vertaling tot hun recht te laten komen. Daarbij heb ik het ‘botsen’ van twee klinkers (zogenaamde ‘hiaten’) zoveel mogelijk willen vermijden, maar desondanks aan een goede Latijnse woordplaatsing soms nog meer belang toegekend. Ook de dubbelzinnigheden, woordspelingen en het taalgebruik van Hawinkels heb ik getracht  in de vertaling over te brengen. Er bestaan vele grote woordenboeken, grammatica’s en tekstverzamelingen voor het Latijn vanaf de klassieke oudheid tot en met hedendaagse Latijnse teksten. Eigenlijk alle woorden en wendingen uit mijn vertaling worden op één of andere manier wel aangetroffen in een bestaande Latijnse tekst, zij het soms maar een enkele keer of in een variant.


IVC Opdrachtcompositie
Sinds 2002 wordt door de deelnemers aan het Internationaal Vocalisten Concours een verplicht werk ingestudeerd dat in opdracht van Stichting ’s-Hertogenbosch Muziekstad wordt geschreven door een Nederlandse componist.
De volgende componisten componeerden liederen: Micha Hamel (2002), Rob Zuidam (2004), Robin de Raaff (2006), Roel van Oosten (2008), Wilbert Bulsink (2010), Jeppe Moulijn (2012), Willem Jeths (2014). In 2016 werd de opdrachtcompositie geschreven door sopraan en componist Monique Krüs.

44ste IVC 2002
Componist: Micha Hamel *1970
Titel: Triptyque :
Fête (Feest), Souvenirs (Herinneringen), Cors de chasse (Jachthoorns)
Tekstdichter: Guillaume Apollinaire (1880 - 1918)
Prijswinnaar: Kyle Ketelsen, basbariton (VS)
- Prijs van het Nederlandse Lied

45ste IVC 2004
Componist: Rob Zuidam *1964
Titel: Noche Oscura
Tekstdichter: San Juan de la Cruz (1542 - 1591)
Prijswinnaar: Measha Brueggergosman, sopraan (Canada)
- Brabants Dagblad Prijs van het Nederlandse Lied

46ste IVC 2006
Componist: Robin de Raaff *1968
Titel: Musicians Wrestle Everywhere
uit: Emily Dickinson Songs/part II
Tekstdichter: Emily Dickinson (1830 - 1886)
Opgedragen aan: Annett Andriesen
Prijswinnaars: Joshua Ellicott, tenor (Groot-Brittannië)
Marret Winger, sopraan (Duitsland)
- Heijmans Prijs van het Nederlandse Lied

47ste IVC 2008
Componist: Roel van Oosten *1958
Titel: Querela Pacis
Tekstdichter: Desiderius Erasmus (1466 – 1536)
Prijswinnaar: Hansung Yoo, bariton (Zuid-Korea)
- Heijmans Prijs van het Nederlandse Lied


IVC Jheronimus Bosch Cyclus

48ste IVC 2010
Componist: Wilbert Bulsink *1983
Titel: Das Narrenschiff
Tekstdichter: Sebastian Brant (1457 – 1521)
Prijswinnaar: Elsa Barthas, mezzosopraan (Frankrijk)
- Prijs van het Nederlandse Lied

49ste IVC 2012
Componist: Jeppe Moulijn *1972
Titel: Et Fit Lux
Tekstdichter: Pé Hawinkels (1942 - 1977)
Gedichten "Bosch en Bruegel"
De tuin der lusten – (buitenzijde triptiek)
Latijnse vertaling: Dr. Harm-Jan van Dam
Prijswinnaars: Nadine Koutcher, sopraan (Wit-Rusland)
Peter Gijsbertsen, tenor (Nederland)
- Et Fit Lux Song Award

50ste IVC 2014
Componist: Willem Jeths *1959
Titel: Quale Coniugium!
Tekstdichter: Pé Hawinkels (1942 - 1977)
Gedichten "Bosch en Bruegel"
De tuin der lusten – Paradijs (linker binnenluik)
Latijnse vertaling: Dr. Harm-Jan van Dam
Opgedragen aan: Jan Swinkels
Prijswinnaars: Francine Vis, mezzosopraan (Nederland)
- Dioraphte Award – Opera | Oratorium
Eric Jurenas, countertenor (VS) & Bretton Brown, pianist (VS)
- Dioraphte Award – Lied Duo

51ste IVC 2016/2017
Componist: Monique Krüs *1959
Titel: Lunam, ne quidem Lunam
Tekstdichter: Pé Hawinkels (1942 - 1977)
Gedichten "Bosch en Bruegel"
De tuin der lusten – Hel (rechter binnenluik)
Latijnse vertaling: Dr. Harm-Jan van Dam
Prijswinnaars: Adèle Charvet, mezzosopraan (Frankrijk) & Florian Caroubi, pianist (Frankrijk)
- Dioraphte Award – Lied Duo (2016)

IVC luistert naar (Let op: u heeft een Spotify account nodig om de muziek te kunnen beluisteren)